Home>Project>Dorpskernvernieuwing, Ingelmunster
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Dorpskernvernieuwing, Ingelmunster


Ingelmunster is in tweeën gedeeld door de Mandelvallei, een echt centrum ontbreekt. De ontwerpers overbruggen deze tweedeling door een vlak, een dienblad te definiëren dat als een accolade aanzet op het marktplein en over de Mandelvallei heen op het stationsplein landt. De vroegere gefragmenteerde aanleg van het marktplein heeft plaatsgemaakt voor een continue verenigende publieke ruimte.

De herwaardering van het publiek domein in de dorpskern was een van de speerpunten van het gemeentebestuur van Ingelmunster voor de beleidsperiode 2007-2012. Met de aanleg van de ringlaan aan het eind van de jaren negentig werden het doorgaand en zwaar verkeer voor een deel uit de dorpskern geweerd. Toch had de belangrijkste centrumstraat nog steeds het uitzicht van een drukke verkeersader met veel ruimte voor gemotoriseerd verkeer en weinig plaats voor de zachte weggebruiker.

De doelstellingen uit de projectdefinitie waren onder andere het creëren van een eigen identiteit voor de dorpskern met respect voor het historische kader, het linken van het noordelijke en zuidelijke deel van de gemeente en het inbrengen van groenstructuren.

Twee helften

De Mandelvallei deelt Ingelmunster in twee helften. Elke helft heeft een eigen reden van bestaan – de ene het station, de andere de markt -, maar ook een permanent gemis door het ontbreken van de wederhelft. Elk deel is blijvend onaf, in de letterlijke rafelranden naar de vallei toe. Ingelmunster is een dorp in twijfel: ieder zijn weg of toch naar elkaar toegroeien? Het unieke schuilt in de oorzaak van het schisma: de prachtig natuurlijke Mandelvallei, met het dubbelspel van een meanderende Mandelbeek en de krachtige, abstracte belijning van het kanaal Roeselare-Leie. Twee keer water, twee keer verschil. Beide waterlopen diep ingebed in het continue valleilandschap, een  langgerekt natuurlijk lichaam dat regionaal de ruggengraat is van een rasterstad. Soms is die rasterstad fascinerend: de confrontatie van de verscheidene logica’s leidt bij momenten tot een spannende dialectiek. Het grootste deel van de rasterstad blijft echter een eigenaardig aaneengestikt weefsel, waar richting en duidelijkheid soms ver te zoeken zijn. Waar sta ik als individu in het groter geheel van die rasterstad? Waar begint Ingelmunster en waar eindigt het? Bevind ik me aan de buitenzijde van de gemeente of er middenin? Waar is het centrum eigenlijk?

Accolade

Wat te doen als in een stad of dorp het centrum ontbreekt? Voeg er één toe, maak een duidelijke, benoembare plek in de plaatsloze effenheid van de rasterstad. Het centrum van Ingelmunster moet aanwijsbaar worden door er een vorm, een begin en een einde aan te geven. De ontwerpers definiëren een vlak, een ‘dienblad’ dat alles een plaats geeft: iets staat op het vlak of ernaast, er dichtbij of er ver vanaf, erboven of eronder, je komt erop toe of treedt erbuiten… Het schisma wordt getackeld door dit dienblad als een accolade te laten aanzetten op het markplein en, in één beweging over de Mandelvallei heen, te laten landen op het stationsplein. Het overspant de drie delen – markt, vallei en stationsplein – en bindt ze samen. Het centrum van Ingelmunster wordt een drie-eenheid.

Verenigend en herkenbaar

Aan het gemeentehuis en de Sint-Amanduskerk vormt het platform een ruim marktplein afgezoomd door de gerestaureerde kasteelmuur. Het marktplein is drager voor typische activiteiten als de markt of de kermis. De vroegere gefragmenteerde aanleg heeft plaatsgemaakt voor een continue verenigende publieke ruimte. Vanaf dit centrumplein wordt een nieuwe toegang met infostand tot het kasteeldomein gecreëerd. Het platform strekt zich uit voorbij het gemeentehuis, waar het als centrumparking 175 plaatsen groepeert. Zo werkt het platform de rafelranden van de achterkanten van de Oostrozebekestraat naar de vallei toe af en biedt hier de mogelijkheid voor nieuwe ontwikkeling.

In de concrete uitwerking staat het verenigende en herkenbare karakter van het platform centraal, met een steeds weerkerende maatvoering, detaillering en materiaalkeuze. Zo wordt gekozen voor slechts één boomtype (Metasequoia glyptostroboïdes) op het platform. De Metasequoia is een bladverliezende naaldboom en heeft als eigenschap in verschillende condities te gedijen.