Home>Project>Levende wandelpaden, Zaventem e.o.
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Levende wandelpaden, Zaventem e.o.


Een nieuw wandelnetwerk verbindt sinds kort verschillende gemeenten in de oostrand van Brussel. Het netwerk linkt meteen ook enkele grotere groengebieden aan elkaar. Om natuur en landschap zo min mogelijk te belasten met de nieuwe recreatieve infrastructuur is gebruik gemaakt van ‘levende wandelpalen’.

Het nieuwe wandelnetwerk ligt op het grondgebied van de gemeenten Zaventem, Kraainem, Wezembeek-Oppem en Tervuren. Voorheen hadden die gemeenten wel al enkele lokale, bewegwijzerde wandelingen en wandellussen. In het kader van een landinrichtingsproject wou men die lokale netwerken in de stadsrandgemeenten overkoepelen en verbinden met Brussel en de grotere open gebieden. Het groene recreatieve netwerk dat zo op een groter niveau zou ontstaan, zou een meerwaarde zijn voor de leefbaarheid in deze verstedelijkte regio. Dat paste perfect in de doelstellingen van het landinrichtingsproject. Aan de basis van het nieuwe wandelnetwerk lag ook een uitgebreide inventarisatie van trage wegen door lokale vrijwilligers. Dat was belangrijk voor het draagvlak voor het netwerk. Zo werd het mogelijk om ook nieuwe wandelwegen aan te leggen en oude trage wegen weer open te maken.

Bewegwijzerde wandelroutes

Wandelaars kunnen nu via een duidelijke bewegwijzering van het gemeentehuis van Kraainem tot het park van Tervuren stappen en dat langs een mooi traject van parken, beekvalleien en een oude trambedding. Of ze kunnen vanuit de dorpskern van Sterrebeek (Zaventem) via een oude, groene trambedding over de Brabantse heuvels tot in St-Joris-Weert nabij Leuven wandelen. In de loop van 2017 wordt aanvullend nog een Woluwewandelpad aangelegd in Zaventem en Kraainem. Dat zal aansluiten op het bestaande Woluwewandelpad in het Brussels Gewest dat loopt tot in het Zoniënwoud. Zo wordt ook het Zoniënwoud weer toegankelijk voor recreanten vanuit de omgeving van Zaventem.

Bijenpalen

Het netwerk ligt in een eerder stedelijke context. De partners van het project vroegen de nodige aandacht voor de overdaad aan signalisatie en infrastructuur in het gebied. Het leek hun ook logisch dat de impact van nieuwe recreatieve infrastructuur op de ingesloten, vaak kleinere groengebieden in deze regio niet te groot mocht zijn. En ze wensten een zo neutraal mogelijke, overkoepelende signalisatie met een minimum aan tekst en logo’s. Die uitgangspunten resulteerden uiteindelijk in ‘bijenpalen’ als ontwerpidee, waarbij gebruik wordt gemaakt van onbewerkt, weerbestendig, inlands hardhout. In dit geval is er gekozen voor eikenhout. Dat wordt doorboord met enkele motieven naargelang het soort wandeling. De boorgaten voldoen aan bepaalde eisen van diepte en breedte. Door voor voldoende variatie van grote en kleine gaten te zorgen, doen de wandelpalen dienst als broedplaats voor wilde bijen en worden het bijenhotels. Wilde bijen leggen in het voorjaar hun eitjes in gaatjes in hout, grond en stenen muren. Bij elk eitje leggen ze wat stuifmeel, telkens in een apart, dichtgemetseld kamertje. De larve voedt zich met het stuifmeel en verpopt na een tijd tot een nieuwe solitaire bij. Opvallend was dat enkele weken na het plaatsen van de palen wilde bijen al een groot aantal gaatjes in gebruik genomen hadden. Op die manier voegen ‘levende’ wandelpalen natuurwaarde toe aan het deels verstedelijkte landschap. Op belangrijke punten langs de wandeltrajecten, zoals vertrekplaatsen, markante punten of de ingang van een park, staan grotere bijenpalen. De motieven op die palen doen denken aan een totempaal.

Aanzet voor streekidentiteit

Met het landinrichtingsproject Vlaamse Rand werkt de Vlaamse Landmaatschappij vooral in randstedelijk gebied of gebied met een zekere verstedelijkingsdruk. De Vlaamse Rand is een zeer heterogeen gebied dat nog niet echt een eigen beeld, een streekidentiteit heeft. De levende wandelpalen kunnen een eerste aanzet zijn. Het is immers de bedoeling om de palen ook in de andere landinrichtingsprojecten in de Vlaamse Rand te introduceren. Tegelijkertijd stimuleren de palen meer biodiversiteit in randstedelijk gebied.