Home>Project>Park L28, Sint-Jans-Molenbeek
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Park L28, Sint-Jans-Molenbeek


Een voormalig spoorwegemplacement met ateliers langsheen de spoorlijn L28 is ingericht als een multifunctionele, publieke, groene zone. Het park ligt voor het grootste deel op het grondgebied van Sint-Jans-Molenbeek, een stukje hoort bij de stad Brussel. Naast een verblijfs- en recreatiefunctie heeft het een belangrijke verbindende functie voor voetgangers en fietsers.

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kocht de terreinen van een voormalig spoorwegemplacement en ateliers langsheen de spoorlijn L28 in Sint-Jans-Molenbeek. Het gebied wordt begrensd door enkele structurele fysieke elementen. In het westen liggen een spoorweg en een metrolijn. In het oosten, langs de Jean Dubrucqlaan, bevindt zich een dicht woongebied. In het noordoosten vormt een helling de grens met het terrein dat leidt naar het park gelegen in de Tour & Taxis-zone. Het terrein is in het totaal 655 meter lang is, ligt tussen de bruggen in de Charles Demeerstraat en de Belgicalaan, en varieert in breedte van 9 tot 30 meter. De opdracht om de zone om te vormen tot een stedelijk park werd ondergebracht in het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Overheid en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, en onder het beheer van Beliris geplaatst. De opdracht bestond uit de volgende onderdelen: de voorstudies (landschapsstudie, akoestische studie, onderzoek fauna en flora, juridische en planologische studie, topografische opmeting), de voorprojectstudies, de opstelling van het reglementaire vergunningsdossier, de opstelling van het aanbestedingsdossier en de sturing en de opvolging van de werken. De programmatie voor het nieuwe park omvatte een nieuwe voetgangersverbinding tussen de brug van de Belgicalaan en de brug van de Charles Demeerstraat (Pannenhuis); een speelzone voor kinderen van alle leeftijden, sportinfrastructuur voor adolescenten; stadsmeubilair (verlichting, banken, vuilnisbakken); nieuwe aanplantingen; een wachtershuis voor Leefmilieu Brussel dat het park na opleveren beheert.

Groene ruimte

Het opzet van de reconversie van het terrein is het creëren van een zeer groene ruimte in een wijk waar het groen spaarzaam is. Het park moet eveneens als een alternatieve groene verbinding voor de zachte weggebruiker dienst doen. Twee andere belangrijke uitgangspunten zijn het beperken van de verharding zodat er meer regenwater op het terrein kan infiltreren en het waarborgen van doorzichten, onder meer voor de sociale veiligheid. Daarom zijn er ruime gazonstroken aangelegd waar bomen een indrukwekkende vista vormen. Lage beplantingen met opgaande heesters en boomgroepjes zorgen voor een groene overgang naar de randen van het park (op sommige plaatsen de achtergevels van woningen).

Vier zones

De lengte van het park laat toe het in vier zones te verdelen, elk met een eigen functie: de Belgica toegangszone (toegang tot het park via de Belgicalaan), de Dreef (wandeldreef langsheen het park en spoorlijn L28), de recreatiezone (speeltuin en toegang tot het park via de Dubrucqlaan), de zone Pannenhuis (toegang tot het park via de brug in de Charles Demeerstraat).

Aan de toegang langs de Belgicalaan vangt een trap gecombineerd met bordessen een niveauverschil van 8 meter op. Elk bordes heeft een toegangshelling voor rolstoelgebruikers. Voor de bouw van de trap werden grote keermuren langs de spoorlijn L28 geplaatst. Het groen aan de zijde van de Dubrucqlaan zal hoofdzakelijk uit krentenboompjes en bodembedekkers bestaan.
De wandeldreef is uitgevoerd in bruin-beige, gewassen beton dat ter plaatse werd gegoten. Een bomenrij, stadsmeubilair (banken/vuilnisbakken) en verlichtingsmasten luisteren deze as op.
De hoofdingang langs de Jean Dubrucqlaan is volledig heringericht. In dit deel van het park zijn er recreatiezones voor kinderen van alle leeftijden. Het wachtershuis (Leefmilie Brussel) is strategisch opgesteld om een visuele controle te garanderen van de Agoraspace, de speelzones voor kinderen en de ingang langs de Dubrucqlaan. Dit gebouw zal bestaan uit een kantoor, twee openbare toiletten, een technisch lokaal, een bureau, een vestiaire en sanitair. Het paviljoen heeft een groendak en een regenwaterton. De inrichting zal gebeuren volgens de principes van passiefbouw.
De oude toegang tot het bordes van het Pannenhuis zal gerestaureerd en verbreed worden tot een nieuwe toegang naar het park vanaf de brug in de Charles Demeerstraat. De trap zal in bruin-beige beton worden uitgevoerd, de bestaande keermuren zullen worden gereinigd en gerenoveerd.

Sociale controle

De randen en de interactie met de randen hebben een belangrijke invloed op het plangebied. Het lineaire park ligt langs een spoor, aan de andere zijde wordt het begrensd door de achterkant van woningen en door een gemeentelijk parkje. Enkele maatregelen moeten zorgen voor voldoende sociale interactie en controle. De wandel- en fietsroute die door het park loopt, is daarin belangrijk. Daarnaast is er de nieuw te bouwen crèche gekoppeld aan de zone met speelruimtes. Ten slotte is er het wachershuisje dat vrij centraal in het park komt te liggen en dat dagelijks door een conciërge bemand zal worden.

Nieuw elan aan de wijk

Bij het ontwerp van het park werd geluisterd naar de wensen van de buurtbewoners. Het park is intussen aanvaard en heeft een plaats gekregen in de wijk die over onvoldoende plekken van hoge kwaliteit beschikte. Het zorgt voor ontmoetingen, ontspanning, speelruimte en geeft een nieuw elan aan de wijk.De zachte verbinding tussen de metrostations Belgica en Pannenhuis is ondertussen ook een feit.