Home>Project>Publieke ruimte op bedrijventerreinen, Zuid-West-Vlaanderen
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Publieke ruimte op bedrijventerreinen, Zuid-West-Vlaanderen


Als streekontwikkelaar bouwt de intercommunale Leiedal Zuid-West-Vlaanderen uit tot een dynamische regio waar het goed werken, wonen en (be)leven is, met veel oog voor beeldkwaliteit. Bedrijven hechten belang aan hun imago, aan de kwaliteit van hun ruimte én het behoud ervan. Met de focus op reconversie, revitalisering en parkbeheer slaagt de intercommunale erin haar bedrijventerreinen en de kwaliteit van de publieke ruimte naar een hoger niveau te tillen.

In het verleden waren bedrijventerreinen synoniem met logge infrastructuren, gebouwen zonder samenhang en weinig tot geen groen. Het terreinbeheer bleef bovendien beperkt. Nu dringt het duurzaam ontwikkelen en beheren van nieuwe en bestaande bedrijventerreinen zich op. De aanvaarding van bedrijventerreinen staat of valt vaak met de (beeld)kwaliteit van aanleg. Aan de ene kant wordt er ruimte om te ondernemen gecreëerd, maar daarnaast worden duidelijke eisen gesteld op het vlak van mobiliteit, fiets- en wandelpaden, natuur en water, duurzaamheid… Leiedal draagt die ruimtelijke beeldkwaliteit hoog in het vaandel, met de klemtoon op reconversie, revitalisering en parkbeheer. Parkbeheer speelt daarbij een grote rol. Het is immers cruciaal om de kwaliteit op lange termijn te handhaven. We lichten drie typevoorbeelden uit.

Groenbek, Waregem

De oude productiesite onderging in 2014 een ware metamorfose. Oude gebouwen gingen onder de sloophamer en nog bruikbare gebouwen werden vernieuwd. Nieuwe wegen, een moderne infrastructuur en volledig uitgeruste gronden worden binnenkort de thuishaven van nieuwe bedrijven en werknemers. Langs de Hoogmolenstraat komt er een parkstrip met kantoren. In die zone wisselen groen, kantoorgebouwen, banken en speeltuigen mekaar af. Ze maskeren meteen ook de achterliggende bedrijven. De kantoorgebouwen beslaan twee verdiepingen van maximaal 500 m². De lager gelegen Hooibeekvallei is een biologisch zeer waardevolle natuurzone en die natuurwaarde wordt nog versterkt. De Hoogmolenstraat wordt een veilige leef- en woonstraat. Een fietspad aan beide zijden bevordert een veilige ontsluiting van het terrein richting Deerlijkseweg. Afwisselende parkeerstroken links en rechts van de weg remmen en ontmoedigen het verkeer verderop. Zowel op als rond het bedrijventerrein staat de zwakke weggebruiker centraal: een recreatief wandelpad slingert door de kantorenzone, een fiets- en wandelpad baant zich een weg langs het natuurgebied en de Hooibeek nodigt uit tot verpozen.

De Blokken, Zwevegem

De Blokken is een schoolvoorbeeld van hoe je oudere bedrijfssites kwalitatief in hun omgeving kunt inbedden. Door en langs het terrein vormen fiets- en voetgangersverbindingen de schakel met de omgeving. De vallei van de Keibeek werd heraangelegd en opgewaardeerd tot een aangename parkomgeving. De voorheen verloederde, rechte waterloop meandert nu langs bufferbekkens door de vallei. Een fietspad, dat in de toekomst doorgetrokken kan worden tot het kanaal, versterkt het parklandschap. Bij de uitwerking van het globale concept is extra aandacht besteed aan het behoud en de ontwikkeling van waardevolle landschappelijke en ecologische elementen zoals openruimtestructuur, duurzaam water- en oeverbeheer, duurzaam groenbeheer, multigebruik en landschappelijke kwaliteiten binnen het bedrijventerrein.

Kantoren in het park, Kortrijk

De kantorenzone op het Beneluxpark is opgevat als een grote open ruimte, die zich als een grastapijt van het bufferbekken naar het open landschap ontrolt en waarin de gebouwen worden ingeplant zonder visuele perceelgrenzen. De individuele kantoren worden gekoppeld aan parkeervlakken die de hoogtelijnen van het terrein volgen. Op die manier vormen ze tredes in het licht glooiende landschap. Aan de noordoostelijke rand van de parkeervlakken komen er lage keermuren die de niveauverschillen van het terrein opvangen en extra accentueren. De groene, onbebouwde ruimte wordt beschouwd als een park of landschap waarin de kantoren als losse elementen ingeplant staan. Het groen moet bestaan uit grasland met extensief beheer, met drie types beplanting. Deze bijzondere ordening van het gebied levert enkele ruimtelijke en visuele meerwaarden op. Ze maakt het bestaande landschap leesbaarder. De kantoorgebouwen en parkeervlakken vormen functioneel en ruimtelijk één (publiek) geheel.  Zo ontstaan er interessante doorzichten en perspectieven. In dit kantorenlandschap is er geen voor- en achterkant. De kantoorgebouwen worden over het volledige gebied gespreid met voldoende tussenafstand en dus privacy tussen de gebouwen. Het groen is prominent aanwezig en heeft een ruimtelijke betekenis: het vormt een gemeenschappelijk parklandschap voor de individuele kantoren.

Ruimere streekontwikkeling

Streekontwikkeling is in 2016 meer dan alleen ruimte maken om te ondernemen. Mensen in de streek houden en aantrekken heeft steeds meer te maken met factoren als recreatie, groen, duurzaamheid, cultuur, onderwijs… Aandacht voor een kwalitatieve publieke ruimte is in dat opzicht geen luxe meer, maar een strikte noodzaak.