Home>Project>Visserijpark en park Willem de Beersteeg, Gent
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Visserijpark en park Willem de Beersteeg, Gent


Het Visserijpark en het parkje in de Willem de Beersteeg liggen in de binnenstad. Ze zijn voor de buurt ontmoetingsplekken bij uitstek. De inrichting speelt in op die functie met een petanqueveld, bijzondere zitbanken en bloeiende beplanting. De ligging aan het water geeft de twee parkjes extra aantrekkingskracht. Kunstwerken zetten die link met het water in de verf.

Elke Gentenaar moet in zijn straat, wijk en stad van kleine en grote parken kunnen genieten. Dat is één van de ambities van het groenstructuurplan. Het Visserijpark en het parkje in de Willem de Beersteeg situeren zich op dat kleinste niveau: het zijn parkjes waar kinderen met vriendjes spelen en buren elkaar ontmoeten.

Klein groen van grote waarde

Het Visserijpark is nieuw. Het was lange tijd een braakliggend terreintje, waar een carrosseriebedrijf uit de buurt zijn wagens parkeerde en bewoners de hond uitlieten. Een muur schermde het terrein van het achterliggende jaagpad en de Visserijvaart af. Het parkje ligt tussen het jaagpad, twee appartementsgebouwen en de Visserij. Die laatste is een fietsstraat, die met haar statige platanen mee de sfeer van het Visserijpark bepaalt.

Het parkje in de Willem de Beersteeg bestond al langer. Omdat het aanwezige groen met monotone beplantingen niet zoveel karakter uitstraalde, kreeg het park een opknapbeurt. Die werd aangegrepen om het contact met het water te verbeteren en de toegang in de Willem de Beersteeg te verbreden.

Een buurttuin om van te snoepen

Via de ‘meesterproef’ van de Vlaams Bouwmeester vertrouwde de Stad Gent het ontwerp toe aan een landschapsarchitect en een kunstenares. De buurtbewoners brachten veel ideeën aan.

Voor het Visserijpark kozen de ontwerpers voor een gezellige, rustige plek waar buren elkaar kunnen ontmoeten. Het grootste deel van het park is een grasveld, dat voldoende ruimte laat om een buurtfeest te organiseren en openheid biedt om te spelen. Langsheen het grasveld loopt een breed slingerend pad. Het is aangelegd in gerecupereerde boordstenen, waartussen een zaadmengsel van tredplanten is gezaaid. Ook dit pad is een ontmoetingsplek, met bankjes die verspreid of in groepjes staan. Het pad leidt naar een ruim terras aan de Achtervisserij. Van daar kan je zo het jaagpad op. De vroegere muur werd afgebroken tot een halve meter hoogte, zodat het Visserijpark nu volop uitgeeft op het water.

Op vraag van de omwonenden kreeg het Visserijpark veel bessendragende struiken zoals jostabes, kruisbes, braambes, framboos, vijg en hazelnoot. Onder de heesters kwamen bodembedekkende planten.

De twee treurwilgen die hier al langer stonden, konden uiteraard blijven. Er kwamen meerstammige bomen bij. Zij zorgen voor een transparante wand tussen de hoogbouw en het park. Hun meerstammigheid zorgt ook voor een speels element. Ze zijn zo ingeplant dat er in het park voldoende schaduw en zonnige plekken ontstaan.

Een verborgen parel in de stad

Het parkje in de Willem de Beersteeg is opgevat als een ‘secret garden’, een verborgen plekje dat zich langzaam laat ontdekken. Het is enkel te bereiken vanuit de Willem de Beersteeg. Vanaf deze toegang zijn verschillende zichtassen gecreëerd. Die leiden naar het centrale pleintje in het park en naar het water.

Het centrale pleintje is aangelegd in dolomiet. Dat maakt dat het ook als petanqueveld dienst doet. Het kreeg een dubbele rij kasseien als afboording. Die verwijzen naar het stukje Willem de Beersteeg dat verdween en in het park werd opgenomen. Een opvallende knalrode golvende bank boordt het plein af. Hij is zowel een zitelement als een spelprikkel. De rode kleur geeft het parkje een warme sfeer.

In het kleine Willem de Beerpark bieden circulatiepaden geen meerwaarde. De bezoeker mag zelf kiezen waar hij wandelt of welke route hij volgt.

De bomen in het park zijn behouden. De beplanting is aangevuld met enkele extra bomen, veel bloeiende struiken en kruidachtige planten. Rode kornoelje, Gelderse roos, Chinees klokje, wilde anemonen, ooievaarsbek, wilde viooltjes … moeten het park zoveel mogelijk kleur geven. De heesters zijn zo ingeplant dat ze de zichtassen versterken.

Om het contact met het water te vergroten, kwam er een inkeping in de oever met een oeverbeplanting van gele dotterbloem, gele lis en harig wilgenroosje. Het water wordt zo letterlijk en figuurlijk in het parkje gebracht. De bezoeker kan hier dicht bij het water komen en op een laag talud van de rust en kalmte in de binnenstad genieten.

Kunst met water in de hoofdrol

Voor beide parken is een kunstwerk ontworpen dat speelt met klank en water.

In de 18de eeuw werden de Achtervisserij en de Visserijvaart met kanaaltjes verbonden, waarop verschillende watermolens actief waren. Die zorgden voor veel lawaai van ‘rommelend water’. Het kunstwerk in het Visserijpark roept met geluid en bewegend water dat rommelwater in herinnering. Het is een interactief waterorgel dat zich deels in het park en deels in de Visserijvaart bevindt. De parkbezoeker kan het in werking zetten door op bepaalde stenen te gaan staan of zitten. Hij activeert dan één of meerdere sensoren, die op verschillende plaatsen luchtbellen in het water doen verschijnen en kolkende geluiden voortbrengen.

In het parkje aan de Willem de Beersteeg is er de ‘suikinkutsu’ of Japanse waterstolp. Een in de bodem ingegraven keramische stolp dient als klankkast voor condenswater dat druppelsgewijs naar beneden valt. Het brengt zachte en rustgevende klanken voort. Bovengronds is enkel een afdekplaat in cortenstaal zichtbaar, wat voor enig mysterie zorgt. Het kunstwerk roept vragen op. Wat verbergt de bodem? Wat heeft de ondergrond van het park te vertellen over het verleden? De ‘suikinkutsu’ brengt geluiden uit de diepte voort en vertelt een ongekend verhaal.