Home>Project>Vriesenhof, Leuven
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Vriesenhof, Leuven


De renovatie van de hoogbouw van het Vriesenhof was de aanleiding om ook de verwaarloosde publieke ruimte grondig te vernieuwen. De vroegere parkeerruimte maakte plaats voor een groen plein dat een rustpunt is voor het binnengebied.

Het projectgebied Vriesenhof wordt begrensd door de Fonteinstraat, de Tessenstraat en de Sint-Servasiusstraat. Het was een verouderde, enigszins verwaarloosde sociale hoogbouwwijk geflankeerd door recentere particuliere woningbouw, appartementen en een kinderdagverblijf. De openbare ruimte werd bijna volledig ingenomen door wegenis, parkeerruimte en wat schaamgroen. Ze was gefragmenteerd, besloten en eenzijdig ingericht als parkeerterrein, nog versterkt door het aanwezige asfalt dat een grote oppervlakte bestreek. Het kinderdagverblijf kende geen aanknopingspunt met deze binnenomgeving.

De aanleiding voor het vernieuwen van de publieke ruimte was de renovatie van de hoogbouwcomplexen. De opdracht luidde eenvoudigweg: een bruikbaar en vernieuwend openbaar domein creëren van én voor de bewoners.

Verblijfsruimte herwonnen

De volgende belangrijke, algemene elementen stuurden het ontwerp: het aanmoedigen van het permanent verblijven; het verbeteren van de beleefbaarheid van de woonkwaliteit door het opwaarderen van het binnengebied en vooral van de openbare ruimte. Dit hield strikte keuzes in zoals weren van het doorgaand verkeer en het sterk terugdringen van het aantal parkeerplaatsen. Enkel op deze wijze wordt het binnengebied teruggegeven aan de gemeenschap.

De volgende concepten stuurden het ontwerp: de centrale en prominente positionering van de gebouwen; eenheid in verscheidenheid: de totaalstructuur is de drager; knooppunten geven de sociale ruimte intimiteit in beleving; assen en puntbakens: de theorie van ‘public spaces’ in praktijk gebracht; afwerkingszones tonen hun kwaliteiten; gebouwen tonen hun ‘fronten’ aan het publiek domein; participatief ontwerp door de inbreng van de bewoners; groene rust- en verblijfsruimten dimensioneren de ruimte; het verkeer is ondergeschikt aan het verblijven.

Op enkele bewonersvergaderingen werden de voorstellen en het ontwerp voorgelegd en getoetst aan de opmerkingen van de bewoners van de sociale appartementen en de particuliere eigenaars. De plannen kregen op deze wijze concreet vorm. Ze voorzien in een open groene rustruimte en enkele gestructureerde parkeerplaatsen, met aandacht voor de wijze van verlichten van de openbare ruimte.

Groen plein

Een centrale as, gestructureerd met kleinschalig groen, mondt uit op de opengetrokken inkom met buurtontmoetingsfunctie en een onderdoorgang van het woningbouwcomplex.

Een groen plein dimensioneert de plek en wordt een rustpunt voor het binnengebied. Het terras dat pal onder het gebouw doorloopt, nodigt uit tot het gebruik van de achtergelegen groene ruimte en de voetgangersverbindingen naar de winkelstraat.

Een nieuw ontworpen plein ingericht als groene parkeerruimte realiseert een overgang en een verbinding naar de andere deelruimten.

Het recentere gebouw, het kinderdagverblijf en de tuin zijn nu verbonden met een nieuw ingericht plein waarop het woningbouwcomplex zich positioneert. Het gebouw kent een open randomgeving waarbij de voetgangersverbindingen het geheel transparant en bereikbaar maken. Een aantal knooppunten is versterkt door het aanbrengen van weloverwogen groenaanplantingen en comfortelementen in het gebied.

Lichtplan

Het lichtplan steunt op twee pijlers: het creëren van sfeerverlichting en een zeer duidelijke gerichte verlichting van de onderdoorgang, de groene ruimte en de in- en uitgangen van de woonwijk. Er werd enerzijds gekozen voor hedendaagse ledverlichting en anderzijds voor lichtbundels die gericht en permanent bijgestuurd kunnen worden.