Home>Project>Rozemaaipark, Ekeren, Antwerpen
{"slide_to_show":"1","slide_to_scroll":"1","autoplay":"true","autoplay_speed":"3000","fade":"false","speed":"300","arrows":"true","dots":"false","loop":"true","nav_slide_column":5,"rtl":"false"}

Rozemaaipark, Ekeren, Antwerpen


Het revitaliseren van de wijk Rozemaai gaat niet enkel over de renovatie van de flatgebouwen en de herinrichting van de buitenruimte. Het weer openmaken van de Donkse Beek laat toe om een bijzonder landschapspark aan de woonwijk toe te voegen. Langs het park is ook een nieuw traject van de fiets-o-strade aangelegd.

In juni 2016 keurde het Antwerpse schepencollege het masterplan Rozemaai goed, een langetermijnvisie voor de gelijknamige wijk ten zuiden van het centrum van Ekeren. Het masterplan schetst een toekomstbeeld voor een groene en recreatieve omgeving en schept een stedenbouwkundig kader voor bestaande en nieuwe bebouwing.

Beek en landschapspark

Het hart van de wijk is de Donkse Beek. Tot in de jaren vijftig stroomde ze doorheen de buurt Rozemaai en bracht water vanuit Ekeren en de Oude Landen tot in de rivier Het Groot Schijn. Door een ophoging van het terrein verdween de beek echter grotendeels. Op het terrein werd nadien een sociale woonwijk gebouwd. De open ruimte bleef als braakland achter en ontwikkelde zich tot een bos met vooral populieren, wilgen en berken.

De revitalisatie van de wijk overstijgt het louter renoveren van de flatgebouwen en de herinrichting van de buitenruimte. Het openleggen van de gedempte beek laat toe om een bijzonder park aan de woonwijk toe te voegen. De aansluiting op de omliggende natuurgebieden verankert Rozemaai ook in zijn omgeving. De veelzijdige programmering van het park, voor jong en oud, verbetert bovendien de sociale cohesie in de wijk en stimuleert sociaal-culturele bedrijvigheid.

Het nieuwe beekdal is de drager van het landschappelijke raamwerk. Door de oorspronkelijke beek weer zichtbaar te maken, ontstaat een logische zonering van een landschapspark met aan weerszijden twee woonbuurten. De karakteristieke ruimtelijke eigenschappen van Rozemaai zijn weer ervaarbaar en er zijn nieuwe kansen voor natuurontwikkeling, waterberging en recreatie. Een overkoepelende beeldkwaliteit creëert een herkenbare identiteit: een waterrijke en groene woonomgeving die uitnodigt tot verblijf en ontmoeting, sport en spel.

In een eerste fase is al een deel van de beek weer opengelegd, als onderdeel van een natuurpark voor de buurt. Het park ligt vlak naast het natuurreservaat de Oude Landen en vormt een perfecte uitbreiding als ecologische, recreatieve ruimte. Het openleggen van de beek zorgt voor een nieuwe dynamiek. De beek dient als buffer voor het regenwater van de gehele wijk, fungeert als koelteplek en is een biotoop voor heel wat fauna en flora. Daarnaast is ze een belangrijke open ruimte waar mensen rust vinden in een natuurlijke omgeving.

Langs het park is ook een nieuw traject van de fiets-o-strade aangelegd. Het is een schakel in de fietsverbinding die weldra de haven en de noordelijke gemeenten met de stad moeten verbinden.

Vier ruimtelijke lagen

Het landschappelijke raamwerk bestaat uit vier ruimtelijke lagen. De eerste, het water, gaat uit van de karakteristieke eigenschappen van de plek: de beekvallei. De oorspronkelijke Donkse Beek wordt weer opengelegd en ze zal op termijn weer gevoed worden door haar oorspronkelijke bron. Het water is eveneens een dragende structuur voor het ontwerp. De vallei bestaat uit verschillende gradiënten en is uitermate geschikt voor waterbergende en recreatieve functies. Vanuit de wijk wordt water via grachten en wadi’s naar het beekdal afgevoerd.

De tweede laag is de groenstructuur. Het bos op Rozemaai is toegankelijker gemaakt, met respect voor voldoende natuurontwikkeling. Gebiedseigen beplanting verbindt de orthogonale structuur van de buurt met het natuurlijke beekdalpark en de omgeving. De uitgegraven grond van de beekvallei is gebruikt voor een groene uitkijkheuvel langs de A12 en een speelheuvel in het speelbos.

De paden zijn de derde laag. Wegen voor snel en langzaam verkeer, verharde straten en wandelpaden, doorgaande en recreatieve routes vormen een helder mobiliteitsnetwerk en verbinden de woonstraten met elkaar.

Ten slotte is er de recreatieve laag. Langs de beekvallei is het bos vervangen door een park met volkstuintjes, speelplekjes, picknickplaatsen, uitkijkpunten enzovoort. Hier is bovendien ruimte voor wijkfeesten en andere evenementen.

De wijk als woonomgeving

Een grote kracht van het masterplan is dat alle eigendommen (gemeente, woningstichting) op dezelfde manier worden ingericht. Alle appartementsgebouwen komen met de ‘voeten’ in het groen te staan, routes liggen tussen groene bermen en de buitenruimte vloeit als het ware tussen alle volumes door. Het gebruik van eenzelfde beplanting, meubilair, verlichting en verharding zorgt voor grote samenhang, terwijl de architectuur van de verschillende bouwvelden divers blijft.